Nederlandse zorgstaking: De verdediging van de gezondheidszorg vereist een socialistisch perspectief

Door Parwini Zora , Harm Zonderland
20 november 2019

Nederlandse werkers in de gezondheidszorg staan vandaag op voor fatsoenlijke lonen en arbeidsomstandigheden. Na 25 stakingen in Nederland dit jaar alleen al, mobiliseert de allereerste landelijke gezondheidszorgstaking een geschatte 150.000 werknemers bij 119 zorginstellingen, 83 ziekenhuizen, 32 poliklinieken en vier revalidatiecentra. Dit volgt op een landelijke lerarenstaking twee weken geleden voor soortgelijke eisen.

Deze stakingen komen te midden van een historische heropleving van de internationale klassenstrijd. Van stakingen door Amerikaanse autowerkers, Indiase werknemers in de vervoerssector en de eerste nationale docentenstaking in Polen sinds het stalinistische regime het kapitalisme herstelde in 1989, tot politieke protesten, zoals de Franse ‘gele hesjes’ en de Hong Kong beweging, komen arbeiders en jongeren in opstand tegen sociale ongelijkheid. Deze bewegingen zijn grotendeels uitgebroken buiten of tegen de traditionele partijen en vakbondskanalen.

Werknemers die de strijd aangaan in Nederland worden geconfronteerd met kritieke problemen. De beslissende kwestie is de internationale vereniging van de strijd van de arbeiders en jongeren en de bevordering van een politiek programma en perspectief waarvoor zij kunnen vechten.

Voor gratis universele gezondheidszorg

De privatisering van de gezondheidszorg in Nederland heeft geleid tot stijgende verplichte verzekeringspremies, wat zorgde voor enorme winsten voor verzekeringsmaatschappijen en particuliere zorgaanbieders. Deze winst wordt betaald door het verwaarlozen van openbare voorzieningen en het bevriezen van de lonen van zorgwerkers en het sterk verhogen van hun werklast.

Nederland heeft een van de duurste zorgstelsels ter wereld, grotendeels gefinancierd uit loonstrookjes van werknemers via belastingen of verzekeringspremies. Een groot deel van dit geld gaat niet naar patiënten die zorg nodig hebben, maar in de kassen van farmaceutische bedrijven en verzekeringsmaatschappijen en hun bestuurders en aandeelhouders. In de jaren 2007-2014, volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek, verdubbelden de gezamenlijke financiële buffers van verzekeringsmaatschappijen van € 4 tot € 8 miljard.

Deze bedrijven plunderen patiënten en vooral armere huishoudens, die zich de verplichte verzekeringspremies nauwelijks kunnen veroorloven. Talloze miljoenen euro's vloeien in de zakken van particuliere zorgaanbieders. Vijfentachtig bedrijven maakten zo’n 10 procent winst de afgelopen twee jaar, zeven bedrijven boekten winstmarges van meer dan 40 procent, en twee zelfs boven de 50 procent! In de tussentijd krijgen stakers een hongerloon van slechts € 224 per week aan stakingsuitkering.

Gezondheidszorg mag geen handelswaar zijn, noch moet het doel zijn om de winst uit te keren aan vermogende aandeelhouders. Het moet worden bevrijd van het dictaat van particuliere winst, uit handen genomen worden van kapitalistische uitbuiters, en draaien als een openbare nutsvoorziening door degenen die het eigenlijke werk van de zorg voor patiënten doen.

Voor een socialistisch programma

Werknemers moeten de leugen verwerpen dat er “geen geld” zou zijn voor fundamentele sociale behoeften, die kapitalistische regeringen en vakbondsbureaucraten gebruiken om werknemers op de knieën te krijgen. In Nederland is de rijkste 10 procent in het bezit van 68 procent van de rijkdom van het land. Wereldwijd bezitten acht multimiljardairs net zoveel rijkdom als de armste helft van de mensheid, ongeveer 3,6 miljard mensen.

Het geval van Nederland illustreert de grote, internationale groei van sociale ongelijkheid. Volgens Rabobank is het beschikbare gezinsinkomen gestagneerd sinds 1977. De meeste Nederlandse werknemers hebben zelfs een daling van het reële inkomen gezien sinds de financiële crisis van 2008. Aan de andere kant, de gezondheidszorgbestuurders verdienen torenhoge salarissen, de best betaalde bestuurder harkt meer dan € 300.000 binnen, acht maal het gemiddelde inkomen van € 37.000.

De enige progressieve oplossing voor maatschappelijke problemen als gevolg van deze obscene accumulatie van rijkdom is om de financiële aristocratie te onteigenen en al hun bezittingen onder arbeiderscontrole te brengen. Dit vereist de revolutionaire politieke mobilisatie van de arbeidersklasse op internationale schaal.

Breek met de vakbonden, bouw onafhankelijke actiecomités

De weg voorwaarts in de strijd ligt voor werknemers in het heft in eigen handen nemen. Werknemers kunnen niet vechten voor een socialistisch programma middels een appèl op de overheid of door zich te beperken tot stakingen georkestreerd door de vakbonden. Deze bureaucratieën zijn medeplichtig aan de privatisering van de gezondheidszorg en werken meedogenloos om werknemers te dwingen sociale bezuinigingen te accepteren. De recente Nederlandse docentenstaking is een voorbeeld van hun rol: nadat de bonden een deal sloten met de overheid -achter gesloten deuren- en de staking afbliezen, ging onder dwang van de bondsleden en in verzet tegen het bestuur, de staking alsnog door.

In elk land hebben deze verouderde, nationaal gevestigde organisaties een opvallende degeneratie ondergaan. Toen werknemers bij General Motors in Amerika recent een maand lang staakten tegen dalende reële lonen en de uitbreiding van flexwerk, werden ze verraden door de United Auto Workers Union, die verwikkeld is in een corruptieschandaal voor het aannemen van grote sommen smeergeld van de auto-bedrijven en het verduisteren van contributiegeld.

De uitweg ligt in het bouwen van “schouder-aan-schouder” organisaties, onafhankelijk van de vakbonden: actiecomités van werknemers. Deze commissies zouden een beroep doen op de groeiende oppositie onder de werknemers, oppositionele actie op de werkvloer over de landsgrenzen heen coördineren, en de zich ontwikkelende beweging van de arbeidersklasse doordringen van het bewustzijn van zijn enorme macht.

Werknemers hebben hun eigen partij nodig

Werknemers die breken met de vakbonden en onafhankelijk, internationaal de strijd aangaan tegen het kapitalistische systeem, zullen geconfronteerd worden met prangende politieke kwesties. De strijd tegen sociale en politieke reactie vergt vooral één ding: de vorming van een nieuw, onafhankelijk politiek leiderschap in de werkende klasse, een deel van het Internationale Comité van de Vierde Internationale (ICFI).

De bestaande Nederlandse partijen hebben niets te bieden aan werknemers en zal bitter vijandig blijken tegenover de onafhankelijke strijd van de werkende klasse. De sociaal-democratische Partij van de Arbeid (PvdA)heeft het grootste deel van de sociale bezuinigingen in de afgelopen decennia uitgevoerd, en heeft de Nederlandse deelname overzien in veel van de imperialistische oorlogen van de NAVO-alliantie. Wat betreft Groen Links en de ex-maoïstische Socialistische Partij (SP), zij streven naar de nationalistische agenda's van hun achterban, de welvarende middenklasse, hun politiek is niet te onderscheiden van de Griekse pro-soberheid Syriza ( “Coalitie van radicaal links”) partij.

Hun cynisme en rechtse kanten doen arbeiders walgen, waardoor sommigen voor extreem-rechts stemmen. In heel Europa bevordert de heersende elite neo-fascisten: de Alternative für Deutschland (AfD) is uitgegroeid tot Duitslands grootste oppositiepartij. In Italië, Polen en Hongarije zijn of waren extreem-rechtse partijen aan de macht, terwijl zij snel opklimmen in Frankrijk en Spanje. In Nederland won het extreem-rechtse FVD 12 zetels in de Senaat na de provinciale verkiezingen.

De ICFI baseert zich op haar ongebroken staat van dienst in de strijd tegen nationaal opportunisme en voor de onafhankelijkheid van de arbeidersklasse van alle burgerlijke en kleinburgerlijke partijen. Het staat in de traditie van de linkse oppositie en de Vierde Internationale, die, onder leiding van Leon Trotsky, het marxisme en socialistisch internationalisme verdedigde tegen het verraad van het stalinisme. Temidden van deze groeiende klassenstrijd, streeft ICFI naar een socialistische en internationalistische beweging van de arbeidersklasse om de staatsmacht te nemen en het economisch leven te reorganiseren op basis van maatschappelijke behoefte, in plaats van privé winst.

Wij roepen werknemers die een manier zoeken om bezuinigingen en militarisme aan te vechten, op om de World Socialist Web Site te lezen, contact te maken met ICFI via de WSWS, en de strijd te steunen om een sectie van de ICFI in Nederland op te bouwen.